Het huisstijlhandboek van 2016

Alles moet tegenwoordig gestroomlijnd, makkelijk en toegankelijk zijn. Geen enkele organisatie, hoe log deze ook is, staat te wachten op een onoverzichtelijk document waar men waardevolle tijd kwijt is aan het opzoeken van de juiste afmetingen op pagina 163. Aangezien ik zelf op dit moment een oud huisstijl-handboek aan het omzetten ben naar een modern bestand, leek het mij een goed plan om voorafgaand te evalueren wat een modern huisstijlhandboek ‘modern’ maakt.

Digitaal
Allereerst is de bestandsvorm belangrijk. Een geprint huisstijlhandboek is zeker mooi op de koffietafel, maar is in de praktijk onhandig om mee te werken. Metname als het boek een complexe inhoud heeft bestaande uit vele pagina’s, loop je al snel tegen problemen aan. Digitale handboeken zijn daarentegen gemakkelijk te doorzoeken, indexeren en kunnen voor een vormgever makkelijk op een tweede beeldscherm gehouden worden. Het moderne handboek is dus dititaal, goed geindexeerd en het liefst ook via het internet beschikbaar zodat zakenrelaties (en pers) er gemakkelijk naar verwezen kunnen worden.

bureau_ontwerpboek

Terug naar de essentie
Ook al hou je het handboek digitaal, nutteloze informatie leidt alleen maar af van de belangrijke kernpunten. Het zijn immers richtlijnen, waarvan soms afgeweken moet worden om praktische redenen of om te kunnen moderniseren. Hou het compact, liever geen teksten, maar als het toch moet: korte zinnen. Geen verhalen (zoals dit artikel), maar het liefst zinnen en woordgroepen in de gebiedende wijs of imperatief.

Ik heb door verschillende handboeken te bekijken, de inhoud proberen terug te brengen tot de belangrijkste punten. Deze zijn:

  1. Logo
    – Lichte variaties (logo-keuzes voor op een donkere achtergrond)
    – Donkere variaties (logo-keuzes voor op een lichte achtergrond)
    – Witruimte (de minimale ruimte om het logo tot andere elementen)
    – Middelpunt (in geval van een oneven balans, wat optisch het middelpunt is)
    – Onacceptabel (absolute no-go’s beschrijven, zoals oude versies, kleuren aanpassen, uitrekken ect.)
  2. Kleuren
    – Het volledige kleurenpalet (alle kleuren die gebruikt mogen worden in PMS, CMYK, RGB en HEX decimalen).
    – Eventuele transparantiewaarden (hoeveel % transparantie).
  3. Typografie
    – Lettertypen (alle lettertypen die gebruikt worden).
    – Punten (welke groottes de lettertypen hebben, vaak voor websitegebruik).
  4. Iconografie
    – Overzicht van iconen (en symbolen met hun betekenissen).
  5. Sjablonen en afmetingen
    – Een beknopte lijst met de meest voorkomende middelen (en wat hun minimale eisen op opmaak is).

Geen historie
Sommige huisstijlhandboeken worden warrig door de vermelding van nieuwe en oude stijlen door elkaar heen. Bijv: “links staat het oude logo, deze moet u niet meer gebruiken. Vanaf april gebruiken we het rechter logo.” Waarom zou je de oude stijl nog vermelden. Dit staat, als je jouw huisstijl up-to-date houdt, in een oudere versie van het handboek moeten staan. Voor oudere stijlen, kijk je naar een ouder handboek. Dit is nog een reden waarom je het handboek digitaal moet ontwerpen en niet voor print.

Geen inleidingen en succesverhalen
Net als de historie is het niet relevant om succesverhalen of inleidingen op te stellen. Een huisstijlhandboek is direct en to the point. Iedereen kan wel bedenken waarvoor een huisstijlhandboek is en dat er hard gewerkt is aan deze stijl en dat de regels slechts een richtlijn zijn. In het dagelijkse werk zal niemand deze teksten lezen en daarom staan ze dus alleen maar in de weg.

Merken gescheiden houden
Hierboven heb ik een opsomming gemaakt voor de essentie van het moderne huisstijlhandboek. Hou er rekening mee dat deze minimale kernpunten PER merk (brand) opgesteld moeten worden. Stel ze niet door elkaar heen op, maar omschrijf eerst merk A tot in volledigheid en vervolgens pas merk B in volledigheid. Dit gescheiden houden voorkomt een hoor verwarring voor de gebruikers.